Onderzoeksagenda

Het onderzoek op het gebied van Global Software Engineering aan de TU-Delft richt zich op vijf hoofdonderwerpen:

1. Succesvol toepassen van Global Software Engineering in de praktijk
2. Technologische ondersteuning voor distributed software development
3. Distributed Agile methoden
4. Follow-the-Sun software development
5. Onderwijzen Global Software Engineering dynamiek

1. Succesvol toepassen van GSE in de praktijk
Best-practices en bad-practices verzamelen in de praktijk is een belangrijk onderdeel in het onderzoek. Inmiddels wordt steeds beter duidelijk hoe GSE in de praktijk moet worden ingericht om succesvol te kunnen zijn. Ook vraagstukken rond off-shoring en near-shoring en hoe om te gaan met toeleveranciers aan de andere kant van de wereld spelen hierbij een rol. Evenals het maken van een goede business-case waarop offshoring of nearshoring succesvol kan worden opgezet.

2. Technologische ondersteuning voor distributed software development
Tool en technologie die geografische verspreidde software ontwikkelaars het gevoel geeft dat ze minder dan 50 meter fysiek uit elkaar zitten. Het 50-meter principe (T.J.Allen, 2007) heeft immers bewezen dat alleen binnen deze fysieke 50 meter ongeplande informele interactie plaatsvindt. Het beïnvloeden van de perceptie van afstand biedt kansen om gedistribueerde software ontwikkelaars binnen een virtuele 50 meter te brengen.

3. Distributed Agile methoden
In het bijzonder kijken we naar distributed agile sofware ontwikkeling omdat de nadruk in agile ligt op informele communicatie, coordinatie en beheersing. Distributed Scrum krijgt daarin speciale aandacht. De belangrijkste reden om Scrum te onderzoeken is omdat het er op lijkt dat veel van de basisproblemen binnen GSE direct worden aangesproken met Scrum.

4. Follow-the-Sun software development
Binnen deze vorm van GSE wordt 24 uur per dag aan een softwareproduct gewerkt, waarbij opeenvolgende lokaties het werk aan elkaar overdragen. Zodoende wordt optimaal gebruik gemaakt van de afstand in tijd en wordt gewerkt ‘daar waar de zon schijnt’. Deze vorm van GDSE is zo ongeveer de meest complexe vorm, omdat de mate van communicatie, coordinatie en beheersing, maximaal is. Als methoden en tooling werken binnen FtS, dan ligt het voor de hand dat ze ook elders toepasselijk zijn. FtS is dus als het ware de ‘stress-test’ van GSE.

5. Onderwijzen GSE dynamiek
De uitdaging is hoe de huidige populatie studenten, maximaal kan worden voorbereidt op een ICT-carriere waarin GSE zonder meer een rol gaat spelen. In het bijzonder de dynamiek van gedistribueerd ontwikkelen is lastig te onderwijzen. Onderzoek hiernaar is dus nodig.