Vlog 55: Zichtbaarheid in software engineering

Wanneer ik Scrum moet uitleggen, gebruik ik vaak het verhaal over de duikboot en de dolfijn om aan te geven waarom iteraties zo belangrijk zijn. En dan iteraties die echt leiden tot een werkend en getest product. In onderstaande video teken ik dan het plaatje met de duikboot en de dolfijn.

De dolfijnroute is cruciaal voor software engineering, omdat

software ontastbaar is. Software heeft geen gewicht en volume zoals elk ander materiaal. Het voordeel daarvan is dat je software naar de andere kant van de wereld kunt sturen in een seconde en dat dat nog niets kost ook. Een ander voordeel is dat reproductiekosten ook nul zijn. Het grote nadeel is dat je het niet tussentijds kunt inspecteren als je daar niet expliciet op aanstuurt.

Zonder iteraties die een werkend en getest product opleveren is het niet mogelijk te zien hoe goed (of slecht) het gaat. Software komt niet uit zichzelf naar de oppervlakte. Daar zul je een expliciete vraag naar moeten doen of het expliciet moeten verankeren in je werkwijze. Dat is precies wat Scrum doet.

Dus, als je betrokken bent bij een groot software traject (en let op: een organisatieverandering, film, contract, of proceshandboek, is ook software he!), zorg dan dat het team minimaal elke maand naar de oppervlakte komt met een resultaat dat af is. Dat is de enige manier om echt te weten hoe het gaat en de enige manier om echt te kunnen sturen.

En je hoeft dan ook niet te wachten met het gebruik totdat het klaar is. Immers, elk tussenresultaat is ook een werkend, waardevol en bruikbaar product.

De laatste tijd gebruik ik daarvoor bovenstaand plaatje. Elke sprint levert een kadootje: werkende en geteste software. Als het echt af is, elke sprint, dan ben je veel wendbaarder. Agile, dus. Want je kunt ook altijd tussentijds stoppen zonder dat dat grote consequenties heeft. Het resultaat van de laatste sprint is af, en is het meest waardevolle. Iets heel anders gaan doen is dus niet erg. Het biedt juist kansen!